woensdag 23 december 2015

Oordeel veroordeel


Het zingt al een tijdje in mijn hoofd wat is een oordeel en in hoeverre veroordeel je met je oordeel.

Kijk naar maar eens naar het vluchtingen probleem, hoe snel wordt een groep op de vlucht zijnde mensen neergezet als gelukzoekers en potentiële verkrachters van je dochter?

Men heeft een oordeel en veroordeelt.

Ik zit in een ander pakket heb geen oordeel over vluchtingen, en zal ze daarom niet veroordelen, zo simpel kan het leven zijn.

Mijn corebusiness op dit moment is een meisjes team trainen, en met de broeierigheid van een plaatselijk clubje omgaan.

Lekker makkelijk lijkt dit op het eerste gezicht maar schijn bedriegt, wie zich ooit heeft gemengd in de diepere regionen van het club leven weet dit.

Wat je ook doet je doet het nooit goed, de huid van een olifant is nog te dun om weerstand te bieden tegen de laag van aanvallen die je krijgt.

Ik ben vanaf nu nog een klein half jaar beschermt, ouders zijn nog aardig tegen mij, sterk nog zo ongeveer de helft hoopt dat hun vriendelijkheid en de veren die ze in mijn reet steken hun dochter een beter advies gaan geven.

Helaas ik vrees dat volgend seizoen een aantal mensen mij niet meer aankijkt, of mij slecht een koel knikje gunnen.

Ik weet het ik ben eerder trainer coach geweest, mensen oordelen en als het ze niet bevalt veroordelen ze je.

Ja, nee, belachelijk mijn kind kan veel meer dan de lagere regionen van de club, echt het ligt aan de trainer!

Ik krijg naast dit fenomeen, volgend jaar nog een probleem waarop men mij zal beoordelen en waarschijnlijk veroordelen.

Mijn dochter.

Mijn dochter is een vlinder, ze zweeft en huppelt door het leven neemt dingen minder snel serieus dan haar leeftijdsgenoten.
Ik kan daar van genieten maar soms pak ik haar bij haar vleugeltjes en zet haar op de grond.

Ik ben geen moeder die alleen maar zegt dat ze fantastisch is, als ze mij naar mijn menig vraagt dan krijgt ze die ook.

Mama, hoe vond je dat ik speelde vandaag?, vroeg ze een paar maanden geleden.

Wil je een leuk antwoord, of een eerlijk antwoord, vraag ik haar.

Eerlijk.

Oké, zoals je nu speelt, speel je volgend jaar op het zelfde niveau als je nu speelt.

Ik zie een sip gezichtje, ze wilde graag wat anders horen.

Hoezo?

Nou, je basis techniek is goed, alleen om hoger te hockeyen zal je een stapje meer moeten doen, versnellen en opbouwen, doorgaan en je actie effectief afronden. Je hebt inzicht maar je afwerking schiet nog te kort.

Ze slikt en knikt, meer niet.

Ze laat mij de wedstrijden daarop zien dat mijn woorden haar tot denken hebben gezet, ze zet een tandje extra bij haar spel verbetert, ik sta verbaast welke input woorden kunnen hebben.

Afgelopen weekend viel ze in in een hoger team, ze durfde eigenlijk niet want, mamma die meisjes zijn veel beter dan ik.

Ze oordeelt en veroordeelt zichzelf tot een niveau waarvan ze niet weet of het echt zo is.

Ga nou gewoon lekker ballen schat, zeg ik, die meisjes weten dat je uit een lager team komt, het maakt niet uit doe gewoon je best.

Mijn vlindertje ging, ze stond een potje leuk en goed te spelen, in de rust vroegen haar teamgenote in wel elftal ze normaal speelt, en stonden verbaast.

Mam!, ze vragen of ik vaker wil invallen!

Ik geef haar een box, en vertel haar dat ze geweldig goed heeft staan spelen, natuurlijk heb ik de nodige punten van kritiek op haar spel maar ik slik ze in.

Ik weet nu al dat ik volgend seizoen een probleem heb, gaat ze hoger spelen dan zal men zeggen dat dat komt omdat haar moeder trainer is, men zal mij beoordelen op dit feit, en ook veroordelen.

Misschien had ik geen trainingen moeten geven, dan had ik het makkelijker voor haar en mijzelf kunnen maken.

Maar hé zo ben ik niet kom maar op, oordeel zelf maar voordat je veroordeelt.

zaterdag 21 november 2015

Ben ik te min


Mijn meest trouwe lezer stuurt mij een persoonlijk bericht via een forum waar wij elkaar ooit eens heb leren kennen.

Hij refereerde aan de zanger Armand, die net is overleden, hij spuugt mijn kak gehalte ongenuanceerd in mijn gezicht.

Ik praat te veel over mijn Gooische roots, ik koketteer te veel met alles wat ik heb, mijn boot mijn komaf de sport hockey die in zijn ogen elitair is, en het feit dat ik geen onderhoud medicijnen slik.

Tja.

Ik merk dat ik mensen intimideer, niet alleen hem maar bijvoorbeeld ook een vrouw hier in de buurt.

Ze woont overigens in een veel groter huis dan ik, heeft het veel beter voor elkaar met haar vier kinderen en een drukke baan bij de plaatselijke luchtvaartmaatschappij, je weet wel die met die zwaan, uit die leuke reclame van een paar jaar terug.

Vreemd genoeg vindt ze het nodig om tegen mij te liegen, over waar ze vandaan komt bijvoorbeeld...

Op een laat honden uitlaat moment vroeg ik haar of ze hier in de buurt is opgegroeid, of dat ze net als ik import is, ze moest er lang over denken en vertelde mij toen dat ze uit de hofstad kwam.

Later vernam ik van haar buurman dat ze uit een van de omliggende dorpen komt.

Ik vraag me af waarom ze dat niet gewoon vertelt, waar ze vandaan komt, waarom ze zich verhult in een verzinsel, wat haar motivatie is, wat er mis is met een dorp.

Ik ga het haar niet vragen, waarom zou ik, wel besef ik welke indruk ik blijkbaar op bepaalde mensen maak, op deze persoon, dat zij vond dat ze iets moest zeggen waar ik niet om geef.

Persoonlijk begrijp ik het niet, ik kan niet verhullen waar ik vandaan kom ik weet ook niet waarom ik dit zou moeten doen, wat is er mis met het Gooi wat is er mis met het feit dat je hockey speelt, of dat men de indruk heeft dat je ouders iets meer waren dat je eigen, wat niet zo is overigens.

Met veel genoegen kan ik een ieder vertellen dat mijn ouders en voor ouders rood waren met communistische sympathieën. Ha!

Ben ik te min, ik vind het een tekst van de vorige eeuw, te min omdat je vader meer verdient dan de mijne, kom op zeg.

Afkom is niet meer belangrijk, de adel bestaat niet meer en het koningshuis dat wordt waarschijnlijk halverwege deze eeuw afgeschaft, mijn sport is bijna als voetbal een ieder speelt het, gelukkig hebben we nog geen last van aso ouders en in elkaar getrapte scheidsrechters.

Nee ik minacht niemand, ik deel alleen wat ik wil delen, en daar zit een stukje van mij in, ik ben een Gooische, ik hou van hockey, en nee ik slik geen medicijnen omdat het moet volgens sommige.

Dat laatste is een keuze, een van de keuzes die ik heb gemaakt, één was weer werken ondanks een afkeuring, met veel plezier gedaan al was het af en toe op het randje.

En nu ik niet meer werk vul ik mijn tijd anders in, ik ben het hockey trainen weer gaan oppakken, en heb vandaag genoten van die meiden, die met 6-0 van het veld komen en waarschijnlijk weer kampioen worden en weer promoveren.

Dat ze winnen is leuk,maar wat leuker is is dat ze het geen ik met ze train ik terug zie in de wedstrijd, wat mij weer motiveert om door te gaan met het trainen van een meisjes C4 van een middelgrote club.

En ja dat is mijn streberig ik, een van mijn reden dat ik dit ben gaan doen is het feit dat ik het niet eens ben met het club beleid, de indeling van top en brede teams, met andere woorden zit je in de topteams dan weet je bijna zeker dat je daar blijft, zit je in de brede teams dan weet je bijna zeker dat je daar niet meer uit komt.

Nee, een selectie moet in mijn ogen voor een ieder toegankelijk zijn, niemand is te min om het beste uit zichzelf te halen en de kans te krijgen om hoger op te komen.

Vandaag kreeg ik de toezegging van de club dat de selectie wordt verbreed naar alle teams, ik ben daar zo blij mee, iedereen gelijke kansen, niemand is te min...


vrijdag 6 november 2015

Spelletje


Ik kan niet spelen zeg een van de meisjes die ik sinds september train, ik ben depressief, met een smile op haar gezicht hangt ze onderuit in de dug-out....

Een van haar vele smoesjes weet ik maar nu is ze te ver gegaan.

Net zo goed als dat kanker geen scheldwoord mag zijn is het gebruik van depressie geen woord die je mag gebruiken voor het feit dat je geen zin hebt in iets.

Ik kijk haar strak aan, ze is de dochter van de coach en op de een of andere manier denkt ze dat ze daardoor een positie heeft waardoor ze meer kan maken dan andere speelsters.

Fout.

Voor het geval u denkt waarom schrijft ze niet meer, heel simpel, geen inspiratie, een moeizame periode, van wat men in de psychiatrie graag onder een depressie zou willen scharen maar wat ik gewoon een dip noem, oké hij duurt best lang maar ik heb een uitweg gevonden, en dat heet een schop onder je hol geven.

Voor de zomer sprak ik een hockey vriendin die in de club actief is, en zei haar dat ik overwoog om eventueel een team te trainen.

Na de zomer hing ze aan de lijn, Gaab wil je alsjeblief een team trainen we komen zwaar trainers tekort.

Ik stemde in, ik heb toch geen baan op dit moment dus...

train ik nu een paar maanden het team van mijn dochter, de meisjes C4 van een middel grote club, elke week vraag ik mij af wat ik moet met deze meisjes, hoe kan ik ze motiveren hoe kan ik de lol van het willen gaan voor het team en de prestatie bijbrengen, hoe kan ik mijn eigen fanatisme nuanceren tot het niveau van deze kinderen die best wel zouden kunnen hockeyen als en het stapje extra willen zetten.

Ik sta twee keer per week anderhalf uur lang te motiveren, zeg ik niks gebeurt er niks, heimelijk kijk ik naar de andere velden als er hogere teams staan te trainen kinderen die uit zichzelf gaan, die niet continue gepusht hoeven te worden.

Mijn vriendin vroeg mij nog of ze kenbaar moest maken aan de hockey school zoals de begeleiding van de jeugd zo mooi heet, dat ik ergens last van kan hebben.

Nee zei ik ik meld het zelf wel als het nodig is, ik weet allang dat het bekend is op de club maar oké lief dat ze het formeel vraagt.

Ik heb geen last van een aandoening als ik train, ik heb slechts last van mijn fanatieke ik, zelf heb ik op redelijk niveau gespeeld en heb ik nu te maken met meisjes waar de motivatie duidelijk die is van een meisjes C4, deze meisjes hebben het niet over voor hun sport , het is makkelijk om te zeggen, ik ben moe ik heb te veel huiswerk, ik heb een feestje, dus ik zeg af.

Tenenkrommend, maar oké ik moet het er mee doen.

Twee bruine ogen kijken mij aan ze zou best aardig kunnen hockeyen, als ze eens stop met excuses zoeken, haar houding het gemak waarmee ze zegt dat ze depressief is irriteren mij, dit keer gaat ze te ver, ze raakt mijn verkeerde snaar.

Depressie? Zeg ik met een felle blik in mijn ogen, je heb echt geen idee waar je over praat!

Je spot niet met kanker, je spot niet met depressie, nu spelen!

Ze gaat met een lichte schrik in haar houding, ik vraag mij af wat ik hier doe..................



dinsdag 18 augustus 2015

Agenda


Wat moet je met zo'n grote agenda?

Ik kijk geïrriteerd op als ik de afspraak noteer.

Wat bedoel je?

Nou, wat moet je met zo'n agenda.

Ik kijk naar het in leer gebundelde boekwerk voor mij, mooi leer zwart met een bruine rug, als ik het dicht sla kan ik het sluiten met een elegante bruine sluiting die altijd ook als het eigenlijk niet past door de hoeveelheid extra toegevoegde papieren toch de inhoud bij elkaar houdt dat noem ik kwaliteit.

Ik kijk haar aan, zij moet mij vertellen hoe het met mij gaat, zij bepaalt mijn leven op dat moment, ik moet haar zien, zo schrijft het protocol voor.

Ik ben namelijk een patiënt die niet de gangbare wegen bewandeld, een die het lef heeft gehad om weg te gaan, tegen hun zin.

De politie stond nog net niet voor de deur toen ik besloot om tegen hun uitdrukkelijke wens in toch het pad te nemen die thuis heten.

Mijn zusje belde mij, Gaab, ik kreeg een of ander psychiater aan de lijn, ze kunnen je niet bereiken of zo, ze vroeg mij of het nodig was om politie inschakelen.

Doe niet zo gek Gaab, bel die mensen gewoon.

Ik ga over stag, mijn zus heeft gelijk, if you can't beat them, don't ever join them, just try to live with the fact that.....

Ik kijk naar het mooie leer, het was ooit eens een cadeau van mijn man, toen wij elkaar niet eens zo lang kende, we voeren met onze eerste bootje naar Hoorn, onze eerste vakantie samen op onze kleine 27 voeter, mijn agenda die ik ooit eens in Parijs had gekocht, eentje van het zelfde formaat, ik hou van groot en overzichtelijk, viel uit elkaar.

In die tijd leefde je nog met papier, alles wat van belang was stopte je in je agenda of Filofax, je mini multomap die in je tas paste, een telefoon was in die tijd nog een telefoon.

Hij kocht voor mijn verjaardag dit mooie exemplaar van leer in dat winkeltje in Hoorn, sinds die tijd gebruik ik deze agenda voor alles, werk, privé, privé en werk.

Ik kan zeggen dat ik er mooie en minder mooie evenementen in heb mogen noteren, van orders die ik binnen haalde voor het bedrijf waar ik werkte tot de dag dat ik mijn miskraam mocht laten curetteren.

Ik sla haar dicht, en kijk naar de vrouw tegenover mij.

Ik begrijp haar niet.

Wat bedoel je?

Nou, zegt ze, die heb je niet echt nodig, die grote agenda...

Pardon?

In jou situatie, bedoel ik....










woensdag 12 augustus 2015

the Bitch


Er is een bekende Engelse politicus die rond de tweede wereldoorlog het the black dog noemde, ik noem haar the bitch.

Eerlijk is eerlijk, ik heb meer een hekel aan mijn soortgenoten dan aan honden.

Daarom noem ik haar graag zo.

Het kutwijf kan ook of die hoer sloerie of slet.

Engels is makkelijker de taalbarrière maakt dat ze niet te dichtbij komt.

Tenminste dat hoop ik altijd, stiekem wortelt ze zich elke keer weer, ook als ik denk dat het niet meer gaat gebeuren, ik ben toch goed bezig? Ik doe toch mijn best....

Nee daar houdt zij geen rekening mee ze komt omdat ze vindt dat ze ongenodigd een plaats verdient in mijn leven, vraag mij niet waar ik het aan te danken heb, ik troost mij met de gedachte dat het een genetisch gevalletje is.



Dat het je dagelijkse leven beïnvloed, dat moet ik maar voor lief nemen.

Ik neem haar mee overal waar ik ga, ik moet wel ze zit op mijn rug, onder mijn huid, in mijn aderen, spieren, zenuwstelsel, cellen en waarschijnlijk in mijn DNA.

Overal waar ik ga, ze blijft bij me ik kan niet anders dan met haar praten, ik moet wel om het leven enigszins dragelijk te maken voor mij en mijn omgeving.



Ze reist met me mee over de Noordzee, ik weet dat ik die lief heb, al maakt zij het mij moeilijk, ze sart me elk moment dat er een stukje mooi kan zijn.

Ik wil haar niet meenemen ik wil genieten, ik weet dat ik dit mooi vind ook al zit het weer en de wind niet mee.



Stil zit ik in de kuip doe de dingen die ik moet doen, maar kan ook niet de dingen die ik wil doen.

Het varen laat ik over aan mijn man, vorig jaar was ze er niet, die allesomvattend trut die mij in haar greep kan houden, die overigens niet meer de wens uitspreekt om het leven te laten, in zoverre zijn wij een beter verstandhouding aan gegaan, maar toch het blijft een trut een kut, een dame die ik met geen hond kan vergelijken.

Ze blijft mijn bitch.

Het is afwachten er komt weer een tijd dat ze mij met rust gaat laten.

Tot die tijd leef ik met haar, mijn onwelkome gast die een deel van mij is.

zaterdag 30 mei 2015

Wat moet ik hiermee?



Gisteren sprak ik een inmiddels goede bipo vriendin.
Hoe ik haar heb leren kennen?
Gewoon via twitter.
Zij blog, ik ook, zij zit op twitter, ik ook, en zo kruis je elkaars pad en bedenk je je dat het internet een mooie manier is om gelijk gestemde te vinden en vriendschappen op te bouwen die je anders niet had gemaakt.

Ik zie zelf de aversie die dit ziektebeeld opbrengt, als ik eerlijk ben dan ben ik eigenlijk niet zo blij dat er mensen in mijn omgeving zijn die hetzelfde hebben.
De anonimiteit van het internet bevalt mij beter in ieder geval om de eerste contacten te leggen.
Eerst berichten sturen, dan email adressen uitwisselen en dan een telefoonnummer.

Het is een voor mijn gevoel veilige manier van het opbouwen van een vriendschap in deze tijd.
Het voelt ook veilig die afstand, zegt mijn nieuwe vriendin.
En ik geef haar gelijk.
Het recht in je bek geconfronteerd worden daar heb ik ook moeite mee.
Dat had ik niet gedacht en eigenlijk heb ik er gelukkig ook niet veel ervaring mee, ja twee jaar geleden wordt mij de bipo man van een teamgenoot ongenuanceerd onder mijn neus geschoven, ze had mij verteld dat haar man het zelfde heeft als ik, maar wat is het zelfde?
Ongemakkelijk stond hij daar met zijn biertje in zijn hand op een mooie zonnige namiddag op de club, zijn vrouw stelde ons nadrukkelijk aan elkaar voor.
En dan? Zijn wij verplicht om op een drukke zondagmiddag op een sportveld met elkaar te praten?
Omdat wij een ver gezochte onzichtbare verbintenis met elkaar hebben, die niet meer is dan de zelfde diagnose?

Even keken wij elkaar ongemakkelijk aan, het staat dan wel niet op ons voorhoofd geschreven maar gevoelsmatig zag iedereen wat wij als vreemde iets met elkaar moesten delen.
En dan blokkeer ik, hij ook gelukkig.
Ongemakkelijk maken wij een praatje over de prestaties van heren 1, kijken rond, en doen een wedstrijd wie het eerst een bekende ziet die meer aandacht verdient, hij wint.

Het opdringen van lotgenotencontact is niet mijn ding, het ergert mij zelfs bedenk ik mij vandaag als ik mijn dochter ophaal van het schoolkamp, naast mijn dochter vervoer ik nog drie kinderen die door de juf zijn geselecteerd om met mij mee te rijden.
Het is geen toeval dat het nieuwe meisje in de klas bij mij in de auto zit, het is ook geen toeval dat het meisje bij mijn dochter in de klas zit.
De school van mijn dochter heeft twee groepen acht, die van mijn dochter telde al 26 kinderen voor haar komst, de andere groep heeft er slechts 23 kinderen, en toch krijgt de klas van mijn dochter dit meisje in de klas.

Het meisje woont sinds kort bij haar vader, samen met haar zus, ze woonde bij hun moeder ergens in het noorden van het land, maar dat ging niet meer.

Mijn moeder is manisch depressief, zegt het meisje in de klas, en moest daarom opgenomen worden, daarom wonen wij nu bij papa.
Mijn dochter kon het niet nalaten om te melden dat haar moeder dat ook heeft iets wat niet onbekend is bij de school, de eerste jaren van haar schooltijd was ik met een regelmaat niet aanwezig door het niet kunnen omgaan met de aandoening destijds.

Nog geen week voor haar komst kreeg ik van een moeder van de andere klas te horen dat er ook zo'n vader als ik in die klas zat.
Ja, hij heeft het zelfde als jij maar het gaat echt niet goed met hem, hij was wéér opgenomen.
Ik vraag mij af waarom het meisje in de overvolle klas van mijn dochter is geplaatst, ergens voel ik nattigheid na het verhaal van de moeder van de andere klas.
Wat is beter, een kind met een manisch depressieve moeder plaatsen in een klas waar ruimte genoeg is maar waar een vader met die ziekte weer is opgenomen, of een kind plaatsen in een overvolle klas bij een meisje waarvan de moeder het al jaren 'goed' doet....

Ik kijk in mijn achteruitkijkspiegel, zie haar zitten, kan niet ontkomen aan de gedachten dat het toeval ver te zoeken is.
Waarom zeggen mensen niet recht voor zijn raap wat ze willen?
Waarom moet ik zonder dat het mij direct gevraagd is met lotgenoten praten?
Waarom vraagt men mij niet gewoon, god Gaab, jij het het ook, wil jij er een keer met mijn man over praten, of god moeder van, we plaatsen dit meisje in de klas van je dochter omdat wij denken dat het beter voor haar is om te zien dat er ook ouders zijn die wel met de ziekte om kunnen gaan.

Wat moet ik hiermee?
Het is niet mijn keuze om deze aandoening te hebben, en het is blijkbaar zo dat je geen vrije keuze hebt om zelf te kiezen met wie je er wel of niet over wil praten.
Blijkbaar ben je een eenheidsworst voor je omgeving, een groep mensen die je zonder veel woorden er aan vuil te maken in het zelfde hokje kan plaatsen, en zonder vragen van ze verlangt dat ze maar met elkaar om moeten gaan.

Sorry, nee

vrijdag 27 maart 2015

Knettergek..



Mensen als deze piloot mogen geen podium hebben, zeg ik tegen beste bipo vriendin.
Kijk maar wat er gebeurt.
De wereld wordt weer verdeeld in de gekke en de gezonde mens.
En dat is niet hoe wij het willen hebben, we zijn allen een op deze planeet, blank, zwart, geel, rood, en soms gestoord, nee we mogen geen vooroordelen hebben, we hebben allen het zelfde rode bloed door de aderen lopen, zelfs de mensen die pretenderen blauw bloed te hebben.

Maar waarom is het dan zo dat mensen dit doen, ik vraag mij af of ik dat zou doen, zegt mijn vriendin.
Op die manier?, vraag ik haar verbouwereerd.
Ja, zegt ze met enige gêne, als ik zo depressief zou zijn zou ik dan omkijken en mij bedenken dat ik een kist vol mensen mijn graf mee in trek?
Ik schrik ervan, en ben blij dat we er over kunnen praten, bedenk mij dat dit ervoor zorgt dat het waarschijnlijk nooit zo ver zou komen. Het gevoel hebben om te willen sterven laat je voor een deel los als je er over kan praten, de beklemming delen geeft lucht en inzicht in de irreële wereld die hoort bij deze gedachten.  

Ik heb de ramp gevolgd, vanaf het moment dat het bekend werd dat het vliegtuig zich in een alp had geboord. Een ramp,een aanslag, een mankement aan het vliegtuig, dat is het eerste waar je aan denkt, maar niet aan een co-piloot die een dode wens heeft.

Toen de zwarte dozen beluisterd werden werd al snel de conclusie getrokken dat de jongeman de dader was van dit gruwelijke ongeluk, als je het zo mag noemen, nee het is geen ongeluk het is een gruwelijke daad.
De media staat er stijf van, elk praatprogramma nodigt deskundige uit, die hun zegje doen, de luchtvaart wordt erop aangekeken op het feit dat ze te weinig de psyche van hun personeel controleren, er vallen woorden als knetter gek, psychopaat en gestoord.

Ik denk zelf eerder aan narcisme in combinatie met een zware depressie, als ik dan toch ook even mag speculeren
Dat je een dode wens heb dat snap ik wel als geen andere zelfs, maar dat je het je in je botte hersenen haalt om 149 andere mee te nemen in je graf dat getuigd toch echt van een vorm van narcisme.
Zeg nou eerlijk, je kan toch ook gewoon ergens in een hotel kamer jezelf opknopen? Of een overdosis van het een of andere innemen?
Wat bezield je om het op deze manier te doen?
Ik denk aandacht, je wil niet onopgemerkt de wereld verlaten, het moet groots of eerder grotesk zijn, zijn gevoel voor drama zal ik maar zeggen over de rug van anderen.

Op twitter gaat het los, ik volg nogal wat mensen als ik met een psychische aandoening, dit nieuws werkt weer stigmatiseren! Wordt er geroepen, er wijdt iemand een blogje aan de wereld draait door, Matthijs van Nieuwkerk heeft de piloot in kwestie namelijk knettergek genoemd, en dat mag niet.
Als ik eerlijk ben dan kan ik Matthijs geen ongelijk geven, deze man is namelijk knettergek, hij verkies de dood, alla, maar 149 mensen meenemen, sorry ik mag dan wel een stoornis hebben maar dit is echt gestoord deze man is met recht knettergek geweest.
En als ik eerlijk ben hoop ik dat deze tragedie snel vergeten wordt, omdat ik vind dat dit soort mensen geen podium mogen krijgen.
Helaas is het zo dat hij wist dat hij deze aandacht zou krijgen.
Ik zeg gestoord, knettergek, en zeker niet een voorbeeld van de gemiddelde gek, zoals ik en een groot deel van de bevolking.